10 Canicross misverstanden

Volgens de visie van Run Dog 

Canicross is een fantastische sport! Steeds meer mensen ontdekken dat. Maar goede info vinden over het beoefenen van de sport is lastig, waardoor er soms misverstanden ontstaan.

Maak kennis met onze visie op de sport aan de hand van de volgende ‘misverstanden’

1. Canicross is je hond meenemen met hardlopen

2. Canicross: Just follow the dog

3. Hoe sneller hoe beter

4. Met canicross mag je hond heel hard rennen en trekken

5. Als ik mijn hond leer om rustig te lopen dan wordt hij minder snel

6. Het is vrij normaal dat mijn hond erg opgewonden is voor de start

7. Mijn hond vindt canicrossen superleuk! Ik laat hem rennen uit enthousiasme

8. Mijn hond is erg druk en heeft veel energie, ik moet hem vaak hard laten rennen

9. Door in een groep te trainen, leert mijn hond beter canicrossen

10. Kennis over hardlopen + kennis over honden = kennis over canicross

 

Misverstand 1. Canicross is je hond meenemen met hardlopen

Het klinkt zo eenvoudig: hardlopen met je hond.

Maar verwar canicross niet met simpelweg hardlopen en je hond meenemen. Want in feite zijn dit 2 verschillende sporten waar je ook verschillend materiaal voor nodig hebt. Hoe zit dat precies?

HARDLOPEN MET JE HOND

Je gaat lekker joggen en neemt je hond mee. Je kan dit ook 'dogrunning' noemen. Je hond loopt naast je en je kunt dit zowel verhard (langs de weg) als onverhard doen. Je kan je hond meenemen aan een halsband en een gewone riem (mits er geen spanning op de lijn komt), of je kunt een heupgordel, korte (elastische) lijn en een Y-tuig voor je hond gebruiken.

CANICROSS

Canicross is een bijzondere manier van offroad hardlopen met je hond (crosslopen), waarbij je samen een team vormt en nauw met elkaar samenwerkt. De sport is ontstaan vanuit de sledehondensport. Je hond loopt voor je uit en is met je verbonden door een elastische lijn van ongeveer 2 meter. Jij draagt een speciale heupgordel, je hond een speciaal canicross harnas.

Het is een complexe sport. Je hebt te maken met je eigen fysieke inspanning, met je hond als atleet, jullie samenwerking en het beïnvloeden van elkaars looptechniek en balans, de omgeving, ondergrond. Maar ook de mensen en honden die je tegenkomt, jullie gemoedstoestand, gedrag, relatie, het vertrouwen dat je in elkaar hebt, etc. spelen een rol.

Wil je verantwoord aan de slag met canicross? Besef dan dat het trainen van een dier voor het sporten veel kennis en oefening vergt. Je kan dit eigenlijk niet doen zonder je eerst goed te verdiepen in het wezen van je hond. Anders kun je hem niet goed begeleiden tijdens de training.

Je hond meenemen met hardlopen, zou betekenen dat hij ondergeschikt is. Maar je hond is dus juist uitgangspunt bij het canicrossen. Vandaaruit ga je verder. 

Misverstand 2. Canicross: Just follow the dog

Er wordt vaak gedacht dat je bij canicross achter je hond aan loopt. Maar de sport is ontstaan vanuit de sledehondensport. Je kunt dit vergelijken met honden mennen. Jij coacht je hond dus vooruit. Jij hebt de regie met canicross, je hond is voorwaarts gericht, met de aandacht naar achteren, naar jou dus, want daar komen de aanwijzingen vandaan. Jij bent in staat om je hond goed te begeleiden, in het belang van je hond, want je hebt je immers eerst verdiept in hem (zie punt 1). 

In feite volg jij je hond dus niet, maar je hond volgt jou. Je kunt dit leiderschap niet afdwingen. Je hond zal aangeven of jij deze positie verdient. 

Misverstand 3. Hoe sneller hoe beter

Met canicross wedstrijden wint de snelste, dus snelheid lijkt erg belangrijk. 

Maar voordat je op snelheid kan trainen, zou je eigenlijk eerst de techniek van het hardlopen met je hond samen moeten oefenen op een heel rustig tempo. Goed leren lopen met je hond en goed leren samenwerken. Dan kun je werken aan spierkracht en uithoudingsvermogen en tot slot kun je op snelheid trainen. Dus leer eerst goed canicrossen en dan pas snel. 

Daarnaast kun je een groot onderscheid maken tussen wedstrijden en trainingen. Als voorbeeld kun je kijken naar andere sporten. Van ‘rondjes racen’ leer je niet zoveel. Tijdens een training werk je aan hele andere aspecten, want je wordt niet sneller door altijd op snelheid te trainen. 

En vergeet vooral het volgende niet: Snelheid kan een uiteindelijk doel zijn met canicrossen, zoals hierboven is beschreven. Maar het kan ook net zo goed zo zijn dat je een ander (niet minder belangrijk) doel hebt met canicrossen. 

Misverstand 4. Met canicross mag je hond heel hard rennen en trekken

Je hond kan in de meeste gevallen veel harder rennen dan jij. Als je hond tijdens het canicrossen heel hard gaat rennen en trekken dan verliest hij onnodig veel energie, want jij kan immers toch niet harder. Bovendien ga je dan snel ‘op de rem’ lopen: licht achterover leunend. Hierdoor ga je op je hak landen voor je lichaamszwaartepunt, wat erg belastend is voor je lijf. Blessures liggen dan op de loer.

Dus leer je hond om gedoseerd te trekken. Zo kun jij naar voren hellend rennen en leunen op je hond. Hiervoor heb je vertrouwen nodig in je hond en andersom. 

Misverstand 5. Als ik mijn hond leer om rustig te lopen dan wordt hij minder snel

Er wordt vaak gedacht dat je je hond niet moet leren om rustig te lopen met canicross, omdat dat zou kunnen betekenen dat je hond dan niet meer wil ‘racen’.

Een hond die ontspannen is, kan beter rennen dan een hond die opgewonden is. Door ontspanning in zijn rug en lijf, kan hij beter bewegen, kan hij zijn buikspieren aanspannen en bespaart hij energie. Er is minder kans op blessures en andere problemen in zijn lijf en hij staat meer open voor aanwijzingen. Leer je hond dus eerst rustig en ontspannen lopen. Vanuit ontspanning kun je gaan schakelen in tempo. Als jij het tempo kan bepalen dan kan je dat ook hoog leggen als dat nodig is. 

Let op: Denk om het verschil tussen 'relaxation' en 'relaxing'! Met ontspanning bedoelen we hier 'relaxation': ontspanning met geconcentreerde aandacht (denk aan yoga of mediteren, het bewust loslaten van je lijf). Dat is iets anders dan 'relaxing': ontspanning waarbij niets hoeft (op de bank hangen, niets doen, recreëren).

Misverstand 6. Het is vrij normaal dat mijn hond erg opgewonden is voor de start

Honden worden vaak erg opgewonden als ze weten dat ze bijna ‘los’ mogen, bijvoorbeeld aan de start van een wedstrijd. Het is belangrijk om deze opwinding te temperen en je hond te kalmeren.

Door teveel opwinding gaat je hond adrenaline aanmaken. Dit zorgt voor spanning en stress, hoge bloeddruk, hoge hartslag en stijgende lichaamstemperatuur. Het lichaam wordt klaargemaakt om te vechten of te vluchten. Hierdoor kan hij dus makkelijk ineens agressief worden. Je hond is dan vaak helemaal niet meer te bereiken met je aanwijzingen. Het contact is weg. Geen goed uitgangspunt voor de start van je wedstrijd. 

Is je hond snel opgewonden? Zoek dan de oplossing in jouw manier van begeleiden. Een belangrijke taak waarbij je veel kennis van je hond nodig hebt, maar vooral ook veel kennis van jezelf.

Besteed in de voorbereiding naar een wedstrijd (vanaf thuis tot na jullie start op de wedstrijd) de meeste aandacht aan het kalmeren van je hond, daar is de meeste winst te behalen. Voor (het welzijn van) je hond en dus ook voor jou. 

Misverstand 7. Mijn hond vindt canicrossen superleuk! Ik laat hem rennen uit enthousiasme

Enthousiasme wordt vaak gekoppeld aan vrolijkheid en energie om te rennen. Ben jij zelf wel eens gaan hardlopen terwijl je heel erg enthousiast was? Waarschijnlijk ging je dan iets te hard van start en was je in korte tijd veel energie kwijt. Dat geldt ook voor je hond. Dus jut hem niet op als je begint met canicrossen maar zorg dat je hond rustig is, dat betekent dat je zelf ook rustig moet zijn.

Soms is enthousiasme ook een teken van overprikkeling. Er gebeurt veel in de omgeving van de hond, waardoor hij spanning opbouwt en dit uit door druk te worden. Enthousiasme hoeft dus niet altijd positief te zijn. 

Misverstand 8. Mijn hond is erg druk en heeft veel energie, ik moet hem vaak hard laten rennen

Vaak wordt er gedacht dat een hond zijn energie kwijt moet als hij erg druk of hyper is. Door de hond hard laten te rennen zou hij deze energie kwijt kunnen.

Maar meestal is er een reden dat de hond druk of hyper is. Hij is te druk geweest, is overprikkeld of bouwt door een andere reden spanning op. Zorgen voor rust en zo je hond kalmeren, is dan in de meeste gevallen veel beter en effectiever, anders blijft hij te hoog in de opwinding. Dit werkt hetzelfde als bij mensen die heel druk en hyper zijn. 

Misverstand 9. Door in een groep te trainen, leert mijn hond beter canicrossen

Om je hond te leren wat de bedoeling is met canicrossen, helpt het om in het begin een ‘haas’ te gebruiken. In een groep kan je hond achter de andere honden aanrennen en daardoor leert hij om voor je uit te rennen en licht te trekken.

Het is echter wel erg belangrijk dat je je hond gaat coachen tijdens het canicrossen, zodat hij uiteindelijk leert dat de motivatie om voorwaarts te lopen, van jou komt en niet van de groep. Dat voorkomt dat hij niet voorwaarts wil lopen als je alleen gaat trainen.

Het echte canicrossen leert hij dus van jou en niet van de groep. 

Misverstand 10. Kennis over hardlopen + kennis over honden = kennis over canicross

Als je kennis hebt van schapen en kennis van honden, dan heb je niet automatisch ook kennis van de sport schapendrijven.

Dit geldt ook voor canicrossen. Met kennis van hardlopen en kennis van honden, ben je niet meteen een goede canicrosser. Je mist dan bijvoorbeeld nog kennis van honden trainen voor het rennen van bepaalde afstanden en kennis van de techniek en samenwerking met je hond tijdens het canicrossen.

 

Interessant om te lezen? Wil je meer leren hierover?

Bij de Run Dog Academy kun je workshops en opleidingen vinden in het canicrossen. Zowel voor starters als meer ervaren canicrossers.

Heb je vragen of opmerkingen over dit artikel? Neem dan gerust contact met ons op.

Lees ook de andere artikelen op ons Blog

Gerelateerde artikelen:

Vrijheid en Veiligheid - Wat betekent dat voor je hond?

Welk harnas is geschikt?

Zomertraining

Hond, sport en warmte - Voorkom oververhitting!