oververhitting

Dit artikel is gericht op canicross, canitrail, bikejoring, steppen en sledehondensport. Veel aspecten hierin zijn ook van toepassing op andere hondensporten.

Sporten met je hond tijdens te hoge temperaturen kan gevaarlijk zijn. Door inspanning verbruikt de hond energie en daardoor stijgt zijn lichaamstemperatuur tot wel 40 graden of iets daarboven (normaal 38 – 39 graden). Het is belangrijk dat hij deze warmte ook weer kwijt kan.

Honden raken hun warmte vooral kwijt via hijgen. Ze kunnen niet zweten over hun hele lichaam zoals wij. Met warmer weer heeft de hond daardoor meer moeite met koelen. Ook de luchtvochtigheid speelt een rol. Hoe hoger de luchtvochtigheid, des te slechter gaat het koelen.

Algemene richtlijn: niet meer intensief sporten boven de 15 graden.

Dat is een algemene richtlijn. Er zijn genoeg honden die zich prima kunnen inspannen met een buitentemperatuur van 18 graden, maar er zijn er ook veel die het boven de 10 graden al moeilijker hebben.

KEN JE HOND: het is goed om te weten of je hond gevoelig is voor oververhitting. Met regelmatig trainen en goed opletten zal je daar achter komen. Maar zoek niet bewust de grens op! De symptomen van oververhitting zijn soms moeilijk of laat zichtbaar. Er kunnen plotseling grote problemen ontstaan.

De symptomen van oververhitting

WAT ALS HET FOUT GAAT?

Blijf kalm als je ziet aankomen dat het fout gaat. Let op de volgende symptomen. Deze uiten zich vaak aan het eind van een training of als je over de finishlijn komt.

Symptomen van oververhitting:

- hijgen met wijd open bek

- diepe ademteugen of 'snurkend' ademen

- desoriëntatie: zwalkend lopen

- 'afwezig' zijn

- kwijlen en braken

- diarree (soms met bloed)

- verkleuren van slijmvliezen

- collaps / instorten

 

WAT MOET JE DOEN?

Eerste hulp

Zie je deze symptomen bij je hond? Dan is het belangrijk dat je je hond gaat koelen. Dat kan met koud water (niet ijskoud!). Zoek eerst een koel en rustig plekje op. Spons je hond af of zet hem in het water en maak hem nat. Blijf kalm en rustig! Dat is beter voor je hond. Laat hem niet liggen op de grond, maar ga met hem heen en weer wandelen, afgewisseld met verder koelen. Laat hem kleine beetjes tegelijk drinken.

Als je hond zwalkt dan kan hij op dat moment zijn afvalstoffen niet kwijt. Door de hoge lichaamstemperatuur wordt het bloed dikker waardoor het rondpompen minder goed gaat. Door te wandelen blijft het bloed beter circuleren.

Neem als het even kan zijn temperatuur op. Koel verder door tot een temperatuur van 39 graden. Daarna stop je met koelen om onderkoeling te voorkomen. Laat hem dan ook niet meer op een koude ondergrond liggen.

Laat je hond nakijken door een dierenarts. Het kan zijn dat hij nog een behandeling nodig heeft.

Het duurt een paar dagen voor een hond om te herstellen van een lichte oververhitting. Is het erger en heeft de hond een lange oververhitting gehad (shock, hersenoedeem) dan kan het maanden duren voor hij er weer bovenop is. Een uitgebreide behandeling is dan vaak nodig.

Je hond kan in het ergste geval blijvende schade oplopen aan nieren en hersenen of zelfs overlijden.

Wees dus altijd alert op de signalen van oververhitting en probeer deze te voorkomen!

 

wat moet je weten

VERSCHILLEN TUSSEN HONDEN

Bepaalde rassen kunnen minder goed tegen warmte, zoals poolhonden en andere rassen met een dikke vacht. Wees ook voorzichtig met honden met een korte snuit (bulldogs, boxers etc.) en zwaarlijvige honden.

Maar er zijn ook kortharige honden die het snel warm hebben. Het heeft namelijk ook veel te maken met mentaliteit. Erg fanatieke, drukke of stressgevoelige honden zullen inwendig meer warmte opbouwen. Zij kunnen ook met lagere buitentemperaturen oververhit raken.

Sommige honden zijn zo fanatiek dat ze niet stoppen als ze het te warm krijgen. Die lopen door totdat ze omvallen. Bij deze honden moet je zelf een duidelijke grens hebben en bepalen wanneer het voor de hond genoeg is.

Daarnaast speelt conditie, voeding, gewenning en leeftijd nog een grote rol.

 

HET BELANG VAN WATER

Een gewone huishond verliest per dag ongeveer 1,5 liter water door hijgen, uitwerpselen en urine. Bij een sporthond is dat ongeveer 2 tot 3 liter en bij een long distance sledehond zelfs tot 5 liter! Een sporthond heeft inwendig meer water nodig om zijn lichaamstemperatuur te reguleren en zijn afvalstoffen kwijt te kunnen. Voldoende water geven is daarom erg belangrijk! Daarmee kun je uitdroging en oververhitting voorkomen!

Over het algemeen weten honden goed hoeveel water ze nodig hebben. Zorg ervoor dat ze altijd schoon drinkwater tot hun beschikking hebben. Neem altijd voldoende water mee naar een training of wedstrijd en zorg bij warmer weer voor voldoende drinkmomenten tijdens de inspanning. Is je hond een grote drinker tijdens of na het sporten? Laat hem dan kleine beetjes drinken met wat tijd ertussen, tot hij verzadigd is.

Sommige sporthonden moeten echt leren om voldoende te drinken. Daarvoor kun je een klein beetje vlees, vis, zalmolie of zoiets door het water mengen om het lekker te maken (Engelse term: ‘baited water’). Check onze Fish for Soup daarvoor.

Water kan ook heel goed gebruikt worden om je hond uitwendig mee te koelen als het wat warmer is.

voorkom oververhitting 

EEN GOEDE VOORBEREIDING

Bereid je goed voor op een training of wedstrijd. Wees er zeker van dat je hond fit en gezond is.

Voeding

Voer je hond niet voor een training of wedstrijd. Je hond rent het beste op een nuchtere maag, dat is uit onderzoek gebleken. Als je 12 uur of nog iets langer voor de inspanning zijn laatste maaltijd geeft dan zit je over het algemeen goed.

Afwateren

Veel mushers geven hun honden VOOR iedere training of wedstrijd ‘soep’. Dat is lauwwarm water met iets lekkers zodat de honden het ook echt drinken (bijvoorbeeld onze Fish for Soup). Hierdoor weten ze zeker dat de honden inwendig genoeg water hebben, dat ze goed gehydrateerd zijn en vrij van afvalstoffen.

Het voordeel van water geven vooraf, is dat de lichaamstemperatuur van de honden voor de inspanning nog normaal is. Een verhit lichaam kan moeilijker water opnemen, de kans is groter dat het wordt uitgebraakt als het alleen tijdens of na de inspanning gegeven wordt. Het voorkomt ook dat de honden tijdens de inspanning met wat warmer weer in iedere plas willen ‘duiken’.

Soep wordt meestal minimaal 2 uur voor de inspanning gegeven in hoeveelheden van 200 – 600 ml ongeveer. Let op: je hond moet hieraan gewend zijn. Bouw het rustig op!

Voor de start van je training of race kun je dan je hond daarvoor nog even goed uitlaten en laten plassen.

Je kan de soep ook tussendoor geven tijdens trainingen of evenementen of na de training of race.

Nat maken

Bij warmer weer kun je je hond vlak van tevoren nat maken om te voorkomen dat hij het te warm krijgt onderweg. Neem daarvoor een jerrycan water, een emmer en een spons mee.

Kortharige honden kunnen helemaal natgemaakt worden. Bij honden met een dikke vacht is het goed om de voor- en onderkant van je hond nat te maken. Dus de kop, hals, borst, buik, liezen en poten. Tijdens het rennen zal de hond via de lucht en de verdamping van het water gekoeld worden.

Geef het goede voorbeeld: Blijf ontspannen en rustig!

Veel honden zijn ontzettend enthousiast als ze doorhebben dat ze weer mogen gaan. Maar met dit enthousiasme kan je hond veel energie verbruiken en kan zijn temperatuur voor de inspanning al flink oplopen! Is je hond erg druk of gevoelig voor oververhitting? Blijf kalm en creëer rust voor je hond. Ga niet te vroeg bij de start staan en zoek rustige plekjes op.

Warming up

Een warming up is erg belangrijk, je kunt er blessures mee voorkomen. Dat geldt voor jezelf en je hond. Een hond heeft niet zo’n lange warming up nodig, 10 minuten is genoeg. Even uitlaten, rustig draven en wat bochtjes laten maken om zijn lijf te buigen. Er zijn speciale warming up oefeningen voor je hond. Deze kun je leren bij onze Academy trainingen en workshops.

 

TIJDENS EN NA DE INSPANNING

Let goed op je hond! Altijd! Tijdens een wedstrijd of training ben je gauw afgeleid door andere deelnemers, de route die je in de gaten moet houden of je eigen prestatie. Het is van belang om toch goed op je hond te blijven letten. Kleine signalen geven je veel informatie. Is zijn gang regelmatig? Hoe staan zijn oren? Lijkt hij afwezig of is hij super gefocust? Luistert hij direct naar je aanwijzingen? Hijgt hij veel? Ademt hij met veel geluid? Stop desnoods even, bij voorkeur bij wat water, om je hond goed te observeren.

Verzorg na binnenkomst eerst je hond. Laat hem wat drinken en wandel met hem als cooling down. Bij warmer weer kun je hem afsponzen of op een andere manier helemaal natmaken. Kijk uit met te koud water, dan koelt je hond te snel af. Geef hem wat lekkers als beloning na een kwartier tot een half uurtje, dan is hij weer op een normale temperatuur. Ongeveer 3 kwartier tot een uur na de inspanning kun je hem zijn maaltijd geven.

Is je training erg intensief geweest? Dan kun je eventueel het herstel ondersteunen met Recovery producten.

Om een goed beeld te krijgen van de warmte in zijn lichaam, kun je hem zijn temperatuur opnemen in verschillende situaties. Zijn normale lichaamstemperatuur is 38 - 39 graden. Direct na de inspanning mag dat eigenlijk niet hoger zijn dan 40,5 graden (per hond kan de grens iets verschillen). Een half uur na de inspanning moet zijn temperatuur en hartslag weer normaal zijn.

Een langere periode met een lichaamstemperatuur boven de 40,5 - 41 graden kan ernstige lichamelijke schade veroorzaken.

 

MAAK BEWUSTE KEUZES

De duur van het sporten is met warmte erg belangrijk. Bij een hogere buitentemperatuur moet de inspanning niet te lang zijn. Een heel kort rondje sprinten gaat makkelijker dan een langere periode in een iets rustiger tempo.

Wedstrijden

Is het aan de warme kant? Maak dan een goede afweging of je meedoet aan een wedstrijd. Kijk niet teveel naar wat anderen doen. Er zijn, vooral in het buitenland, volop wedstrijden in de zomer. Sommige honden kunnen hier goed tegen, maar dat wil niet zeggen dat jouw hond hier ook zonder problemen aan mee kan doen.

Je kunt een wedstrijd met warmer weer ook als training zien en rustig aan doen. Maar voor enthousiaste honden is het vaak lastig om rustig aan te doen. Bij een langzamer tempo zullen zij juist harder werken om toch sneller te kunnen. Start dan eventueel helemaal niet.

Denk eraan: het welzijn van je hond is het allerbelangrijkste!

Training

Het is goed om enthousiaste honden te leren om korte rustpauzes te nemen tijdens het trainen. Dit kan helpen als je tijdens een wedstrijd merkt dat het toch vrij warm is.

Train naar de zomer toe ’s morgens vroeg of ’s avonds laat. Doe rustiger aan en maak kortere rondjes met genoeg drinkpauzes. Ga op warme zomerdagen helemaal niet trainen. Je kunt je hond ’s zomers ook goed in conditie houden door te gaan zwemmen. Dat is ook erg goed voor de spieropbouw, ze worden er beresterk van.

 

sportvoeding en -supplementen

Tegenwoordig zijn er verschillende producten verkrijgbaar voor het ondersteunen van het herstel van je hond na een intensieve training of race. Ook als je hond (bijna) oververhit is geweest kan dit erg helpen om te herstellen. Bekijk bij de Supplementen welk product je wanneer en waarvoor kunt gebruiken.

Je (sport)hond heeft als basis een goede, uitgebalanceerde voeding nodig, die gericht is op de mate van training. Met daarbij altijd vers drinkwater.

 

VRAGEN OP OPMERKINGEN

Heb je vragen of opmerkingen over dit artikel? Of wil je graag persoonlijk advies? Neem gerust contact met ons op.

 

Rosine Verkleij

Run Dog

 

BRONNEN EN HANDIGE LINKS

Dierenarts Arno Roos van Dierenkliniek Korte Akkeren (gericht op sledehondensport)

Op www.mushingholland.nl kun je interessante artikelen lezen

De Duitse sledehondenvereniging VDSV heeft op de site een 'vet corner'

Lees ook dit Duitse artikel eens over voeding voor sporthonden

Boek over de sport: 'Dog Driver' van Miki & Julie Collins

Boek over voeding voor sporthonden: 'Performance Dog Nutrition' van Dr. Jocelynn Jacobs